Klapvee
Voor de tweede achtereenvolgende keer schitter ik deze ochtend door afwezigheid. Gerlof neemt mijn honneurs in de stal waar. Hij maakt de melkstal schoon, vult de waterbakken en schuift het voer bij de pinken aan. En ik? ik lig in bed. Niet omdat ik ziek ben, integendeel.
Het afgelopen weekend hebben we met ons toneelcluppie twee toneelvoorstellingen opgevoerd. De adrenaline, die al weken als een wervelwind door mijn lijf giert, maakt plaats voor een zware vermoeidheid die zich langzaam in mijn spieren nestelt. ’s Nachts passeert de hele revue tientallen keren aan me voorbij en lig ik urenlang te stuiteren van energie. Dus ik zet mijn wekker uit, en hoop nog iets van slaap te pakken.
Het was een geweldig avontuur. Terwijl de wereld in brand staat en iedereen zijn eigen beslommeringen heeft, waren wij op onze oefenavonden alleen maar bezig met onzinnige onzin.
De voergang, in de jongveestal, was tijdelijk mijn oefenpodium. Wanneer ik mijn tekst, gebaren en blikken oefende, keken de pinken me traag kauwend en stoïcijns aan. Geen gemakkelijk klapvee, maar taai en daarmee hèt ideale oefenpubliek.