Poespaspoezen
Ik stap in mijn overall en loop door de miezer richting de stal. Poes springt vanuit de struiken en loopt als een escorte, met haar staart recht omhoog, voor me uit. Ik open de deur van de machinekamer. Niet voor haar, want zij neemt de VIP ingang. Dat klinkt heel sjiek, voor een deur die van onderen verrot is.
Hier staan de andere snuitjes op me te wachten. “Goeiemorgen lieve schatjes”. Terwijl ik mijn instapklompen verruil voor mijn boerderijlaarzen, draait Poeslief rondjes om mijn kuiten.
De emmer met warme melk wordt omsingeld. Nog een paar weken en dan is het afkicken geblazen. Maar wat geef ik ze dan? Ai weet raadt: zorg voor vers water, de meeste katten zijn lactose intolerant. Nooit iets van gemerkt. Ons poezenvolk klokt dagelijks zeker drie liter rauwe melk achterover.
Ik vul de voerbakken, oftewel 2 bodems van doorgezaagde jerrycans. Een half bekertje kattenbrokjes is voldoende, de rest van het menu moeten ze zelf bij elkaar zien te jagen. Vandaag even binnenwandelen bij de Welkoop voor nieuwe brokvoorraad.