Puberpinken
Gerlof is op klus, dus ik heb vandaag het rijk alleen. Ik loop naar de pinkenstal waar onschuldige koppies, met nog net geen schijnheilig aureool, betrapt mijn kant opkijken. Hmmm… dat belooft niet veel goeds. “Wat hebben jullie uitgespookt?” vraag ik argwanend, alsof ik een antwoord ga krijgen. Een paar stappen verder zie ik dat de schatjes de stop uit de waterbak hebben geknabbeld. ”Ah jongens! mopper ik, dit vind ik echt niet grappig!”
Ik klim over het hek opzoek naar de stop. Wat niet meer is dan een stukje tak en een vierkant stukje binnenband. Ik tuur tussen de ligboxen en de roosters. Een halve meter onder mij, drijvend op de mest, ligt wat ik zoek.
Deze boerin is niet voor één gat te vangen dus ik loop naar de berg met snoeihout en vind een tak met, wat ik zo inschat, de juiste diameter. In de werkplaats zaag ik er een stukje vanaf, van een centimeter of tien.